Oh dennenboom

Vorig jaar schreef ik al over kerstversiering en mijn antipathie daartegen. Ik overwoog een heel gezellig kerststalletje aan te schaffen, maar heb dat uiteindelijk niet gedaan. Dit jaar kwam zo vlak nadat de goedheiligman weer was teruggekeerd richting Spanje (of de zakken richting zolder zo je wilt) wederom het moment: doen we het of doen we het niet?

De kleuterzoon kwam eind vorige week bijzonder enthousiast thuis, hij had op school een kerstboom in elkaar gezet. Minder enthousiast was hij over de geknutselde kerstboom die hij niet af kreeg, maar dat even geheel terzijde. De kerstversiersels maakten indruk.

Het leek hem ook wel wat om thuis een kerstboom te hebben. De man vindt het al jaren onzin dat ik geen kerstboom wil en dus delfde ik het onderspit. Er moest een kerstboom komen. In het weekend togen we naar de bouwmarkt alias tuincentrum om de benodigdheden in huis te halen en vreemd genoeg mocht ík op dinsdagmiddag aan de slag om het geval op te tuigen.

Dan komt er nu een bekentenis: ik versierde nog nooit een kerstboom. Het begon al goed, het leek me een goed idee om de boom water te geven (nee, het is geen kunstboom). Wat ik echter niet wist is dat er een gat in de pot zat. Het water dat ik er in mikte kwam er net zo hard weer uit. Lekker handig.

Toen ik dat weer had opgedweild wilden de kindjes wel helpen met het versieren van de kerstboom. We hingen gezellig samen een lampjessnoer in de boom en toen vonden ze het tijd voor Mickey Mouse Clubhouse. Zat ik alsnog zelf met de kerstballen.

Wat een gedoe trouwens om die dingen in zo’n boom te krijgen. Ik heb nu de helft gedaan en hopelijk helpt de kleuterzoon me woensdagmiddag nog wat verder en gooit de peuterdochter niet al te veel ballen stuk.

Ik vroeg me dus af, zijn er regels voor kerstboomversieren? Ons boompje bleek bij thuiskomst nogal scheef en assymmetrisch, we hebben een overschot aan lampjes en ik vrees dat het esthetisch niet geheel verantwoord is. Toch vind ik hem wel gezellig. Maar of we meedoen met de laatste kerstboommode waag ik te betwijfelen.

Geef een reactie